Juridische context

Gelijke behandeling als uitgangspunt.

Een toelichting bij het advies van de Raad van State en het bredere principe van gelijke behandeling van lokale besturen.

Het wetsontwerp houdende diverse bepalingen voorziet vanaf 2026 in een federale tussenkomst in de pensioenlasten van lokale besturen. Die ondersteuning is een goede zaak. Onze bezorgdheid gaat over het toepassingsgebied: de steun is voorzien voor besturen gevestigd in gemeenten met meer dan 100.000 inwoners.

Wat de Raad van State opmerkt

In zijn advies herinnert de Raad van State aan een vaste lijn van het Grondwettelijk Hof. Een verschil in behandeling tussen vergelijkbare groepen kan, maar het gebruikte criterium moet objectief en redelijk verantwoord zijn in functie van het doel van de maatregel.

De Raad merkt op dat het verband tussen het inwonersaantal van een gemeente enerzijds en de pensioenlast van het lokale bestuur anderzijds in de huidige toelichting onvoldoende wordt onderbouwd.

Waarom wij dit belangrijk vinden

Wij vragen niet dat de tussenkomst verdwijnt of dat grote steden minder steun krijgen. Wij vragen dat de regeling vertrekt vanuit de werkelijke pensioenlast van lokale besturen, in plaats van het inwonersaantal van de gemeente waar zij gevestigd zijn.

Voor intercommunales, ziekenhuizen, OCMW’s en hulpverleningszones, die vaak een werkingsgebied hebben dat verschillende gemeenten omvat, is dat onderscheid extra zichtbaar. Hun pensioenverplichtingen staan los van het adres van hun maatschappelijke zetel.

Een constructieve vraag

Wij zijn ervan overtuigd dat een aanpassing mogelijk is die rekening houdt met de bedoeling van de federale regering en tegelijk een gelijke behandeling van alle lokale besturen garandeert. Daarover gaan wij graag in gesprek.

Het dossier wordt juridisch en inhoudelijk opgevolgd in overleg met de aangesloten besturen.